WALTMANS
               EARLY AND CONTEMPORARY MUSIC

 

   home   links  contact

 musicians      composers      interviews      masterclasses      competitions      festivals      writings      cd's    cdarchive    


CD'S

 

 


W.A. MOZART  DEMOFOONTE

Tussen 1769 en 1778 heeft Mozart met de gedachte gespeeld een Demofonte-opera te componeren. Dat is er echter nooit van gekomen. Wel componeert hij in die tijd zes aria’s naar het libretto van Metastasio’s Demofonte. Sabine Radermacher heeft de zes concertaria’s voorzien van verbindende teksten en er passende instrumentale muziek van Mozart bij gezocht. Oude muziek wordt aldus in een nieuw jasje gestoken. Het resultaat van dit alles is een avondvullend werk dat men een soort concertopera zou kunnen noemen.
Metastasio heeft veel succes geoogst met zijn op een klassieke tragedie gebaseerd libretto. Na Antonio Caldara’s Demofonte, uitgevoerd te Wenen in 1733, wordt het libretto in de achttiende en negentiende eeuw door meer dan zestig componisten op muziek gezet, Mozart inbegrepen. Hoofdpersonage is Demofonte, koning van Thracië. Hij dient zolang de troonopvolging nog niet geregeld is, ieder jaar een jonge vrouwelijke onderdaan te offeren aan de goden. Demofonte neemt als hoofdfiguur niet actief deel aan de handeling. Zijn rol beperkt zich tot het vertellen van het verhaal en het becommentariëren van de gebeurtenissen. De Duitstalige teksten vormen de schakel tussen de aria’s en de instrumentale toevoegingen.
De aria’s zijn geschreven voor Demofontes zoon en troonopvolger Timante (3 aria’s), die naar later blijkt niet Demofontes zoon is; voor Dircea (2 aria’s) die in het geheim getrouwd is met Timante en naar later blijkt Demofontes dochter is; voor de phrygische prinses Creusa (1 aria), die voorbestemd is om Timantes echtgenote te worden. Na veel dramatische interacties over en weer eindigt de tragedie in een lieto fine, een happy end. Vier concertaria’s komen uit Metastasio’s eerste acte, de vijfde uit de tweede en de zesde uit de derde acte. In de zes aria’s (KV 440, 368, 74b, 82, 83 en 77) worden de belangrijkste verwikkelingen uit de tragedie weergegeven. Wat betreft tekstgebruik blijft Mozart zo dicht mogelijk bij de oorspronkelijke Italiaanse tekst, en tegelijkertijd volgt hij de dramatische handeling op de voet.
Het belangrijkste criterium bij de keuze van de instrumentale werken is de periode van ontstaan (1769-1778). De muziek dient bovendien naadloos aan te sluiten bij het karakter van het verhaal en de sfeer van de handeling. Demofonte opent met Mozarts symfonie in G KV 74 uit 1770. De symfonie, gecomponeerd op Mozarts eerste reis naar Italië, kenmerkt zich door een ouvertureachtig karakter in de trant van de Italiaanse sinfonia. Het is een tweedelige compositie met een drieledige structuur in een eenvoudige instrumentale bezetting (C allegro-3/8 andante-2/4 allegro; hobo 2, hoorn 2, viool I en II, altviool, cello en contrabas). Het tweede deel (tweede cd) opent met het eerste deel uit de symfonie in a KV 16a (C allegro moderato; hobo 2, fagot 2, hoorn 2, viool I en II, altviool, cello en contrabas). De symfonie sluit vanwege het mineurkarakter perfect aan bij de handeling, maar wel dient vermeld te worden dat het hier vermoedelijk gaat om een niet-authentiek werk van Mozart. De compositie werd in 1985 ontdekt in Odense, Denemarken. Daarnaast is de keuze gevallen op delen uit “cassation”-muziek KV 63 en 99. Vier werken uit de balletmuziek (pantomime) Les Petits Riens KV 299b sluiten Demofonte af. De muziek ontstaat in 1778 in Parijs na annulering van een opdracht voor het schrijven van een Demofonte-opera. Mozarts muziek klinkt er in alle speelsheid met gewichtigdoenerij in een luchtige en humorvolle setting. De nr. 12 Gavotte in F is een echte feestelijke uitsmijter, een lieto fine waardig.
Sabine Radermachers verbindende teksten zijn van uitstekende kwaliteit. Geen enkele instrumentale compositie van Mozart heeft een muzikale verbinding met de zes Demofonte-aria's. De werken zijn dan ook op louter subjectieve basis uitgekozen. Wel dient Radermacher een compliment te krijgen voor haar “Fingerspitzengefühl” en goede smaak. Cappella Coloniensis en solisten staan borg voor een uitvoering op hoog niveau. Een aanrader!

Alle partituren zijn in te zien op de site van Internationale Stiftung Mozarteum Salzburg.

SACD Demofoonte Operafragmenten van W.A. Mozart met Cappella Coloniensis o.l.v. Bruno Weil en solistische medewerking van de sopranen Eleonore Marguerre, Sunhae Im en Netta Or, en Mattias Habich, verteller. Live Recording 24/25 mei 2007 in de Tonhalle Düsseldorf. Productie WDR Keulen 2007. Arts AudioPhile series nr. 47746-8.

© 2008 Frans Waltmans